Karlijn Roex: outcast en vrijheidsstrijdster

Postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam, visiting scholar aan de Universiteit Leiden. Doemspreker met een sprankeltje hoop, kynische doen-denker, schrijver van distopische non-fictie (distopische fictie is in de maak), situationist, beoefenaar van de Kunst van het Laten Schrikken (inspirator: Günther Anders). Mij boeken als spreker? Stuur gerust een bericht: info@karlijnroex.net


Download hier mijn CV
CV
CV_Roex 2020 EN SHORT V2.0.pdf (198.33KB)
Download hier mijn CV
CV
CV_Roex 2020 EN SHORT V2.0.pdf (198.33KB)


Wat gestudeerd? Sociologie en politieke wetenschappen

Waar? Utrecht (BSc, cum laude), Oxford (MSc, Distinction) en bij Max Planck Institute for the Study of Societies (Dr. re. pol., magna cum laude)

Nog uitstapjes gedaan? Columbia University

Meest historische moment ooit van dichtbij meegemaakt? Was in New York toen Trump gekozen werd tot president (disaster!) - nu overtroffen door... uh... de pandemie die ik bestudeer.

Wat is mijn job? Mensen waarschuwen en laten schrikken, in woord en theater.

Mijn voornaamste thema's voor de 2020s: Infodemics in the midst of global disaster. Medical sociology, science studies, nuclear sociology. Risiconarratieven en stigma's, de normaal/ abnormaal hiërarchie, neoliberalisme en haar outcasts, de hervatte nucleaire wapenwedloop.


Wat houdt me momenteel bezig?

Gedurende de COVID-19 pandemie ben ik aan de slag gegaan als postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam, bij de Institute for Logic, Language and Computation en de Faculteit Geesteswetenschappen. Daarnaast ben ik visiting scholar bij de Centre for Science and Technology Studies van de Universiteit Leiden. Samen met Dr. Giovanni Colavizza werk ik aan een onderzoeksproject waarin we bekijken hoe COVID-19 onderzoekers informatie vergaren en verspreiden - temidden van de overvloed aan misinformatie die onder het publiek circuleert. Meer hierover lees je hier en hier.

Daarnaast ben ik schrijver en activist. Momenteel verzorg ik lezingen, trainingen, gastcollege's, schrijf artikelen en recensies, review teksten, en broed ik aan een nieuw boek. Jawel: ik doe zelfs aan theater. 

In de jaren 2018-2020 ben ik actief geweest binnen het vraagstuk 'verwarde personen'. Deze vreselijke frase moeten we dringend bestuderen en de effecten blijven aankaarten. Ik verdedig het recht op anders-zijn, de mensenrechten van ggz-cliënten, en monitor de maatschappelijke omgang met alles dat de samenleving 'abnormaal' noemt. Ook probeer ik zelf onderdeel te zijn van een grote omslag daarin, richting een hiërarchie-loze omgang tussen wat 'normaal' en 'abnormaal' heet. Met dat doel organiseer en faciliteer ik trainingen (zie meer: HIER) . Dit raakt aan allerlei andere gebieden van onderdrukking, waaronder xenofobie, racisme, het koloniale verleden, de klimaatcrisis, groeiende economische ongelijkheid, neoliberalisme en internationale conflicten. Steeds actiever wordt ik op de thema's vrede en kernwapens


In september 2019 is mijn eerste boek verschenen

Als een soort collectieve zelfverdediging tegen de ontwikkelingen, besloot ik een boek te schrijven. Dit boek, dat een sociologische maatschappij-analyse combineert met directe ervaring, is inmiddels te koop in de winkel, waaronder bij mijn uitgever: Lontano. Het boek heeft sinds enkele weken nu ook een Facebookpagina.



Mijn achtergrond

Ruim een jaar geleden rondde ik mijn proefschrift af over suïcide en werkloosheid bij het Max Planck Instituut in Keulen, en behaalde in 2014 mijn mastergraad in de sociologie aan de University of Oxford. Het afgelopen jaar werd ik vooral zichtbaar als spreker en publicist in het debat rondom ‘verwarde personen’, een etiket waaronder ik zelf door politie ook een paar keer ben geduid. Zo ben ik een paar keer gedwongen meegenomen naar een plek waar ik werd opgesloten. Het was weliswaar goedbedoeld, maar voelde als kidnapping. Wat ik daarentegen nodig had, was iets anders. 

 

Na het zien van dit soort repressie, voelde ik een morele plicht om ook anderen te bevrijden en de samenleving te veranderen. Daarnaast merkte ik ook de toenemende stigmatiserende toon waarmee er in de media en beleidskringen gesproken wordt over uitgeslotenen, systeemopgebranden, abnormalen’, eenlingen en GGZ-cliënten. In een zogenaamde ‘verwarde-personenproblematiek’ wordt een grote groep mensen in verband gebracht met overlast, criminaliteit en zelfs met stijgende moordcijfers. De vaak boude beweringen van functionarissen of journalisten zijn doorgaans niet op bewijs gebaseerd, maar op angst, op diepgewortelde vooroordelen. Het gevolg is meer vervelende – en buitenstrafrechtelijke – aanhoudingen op straat, meer politie-repressie aan de deur, meer gedwongen zorg in plaats van vrijwillige alternatieven, zorg die bovendien meer met handhaving te maken heeft dan met constructieve hulp, sociale uitsluiting, en meer mensen die zich niet meer thuis voelen in de samenleving.

Onder begeleiding van een ‘verwarde-personendebat’ zijn er de afgelopen jaren verscheidene weerzinwekkende  beleidsvoorstellen en praktijken ontstaan. Er zijn nu speciale  busjes die ons van de straten halen en  ons vervoeren naar een opsluitingsplek. Eerst waren dat politiewagens, terwijl er nu steeds meer sprake is van vriendelijk ogend vervoer. Desalniettemin is de kern soms net zo gewelddadig: iemand kan met dwang worden afgevoerd.

Het publiek wordt bovendien aangespoord om deze ‘verwarde persoon’ te signaleren en te melden aan autoriteiten, die ons dan dwingen in een behandeling. Deze praktijken krijgen te weinig kritiek omdat het publiek denkt dat ze ‘goede zorg’ inhouden. Maar dwangzorg is helemaal niet bewezen effectief. Veel beter lijken vrijwillige alternatieven gebaseerd op wederzijds vertrouwen, zoals peer support en Open Dialogue. 




E-mailen
LinkedIn